Waar was ik eigenlijk de afgelopen twee maanden mee bezig?

13 weken geleden lanceerde ik mijn blog. Dat doe ik er wel even bij, dacht ik, dat is vast goed te combineren met het afstuderen. Daar doe ik dit tenslotte voor: deze blog is opgericht om mijn afstudeerproductie te ondersteunen. Aan het begin was mijn insteek voor mijn afstudeerproductie nog, dat ik als het ware wilde laten zien dat je ook fit kan zijn zonder het perfecte lichaam te hebben. Ik wilde laten zien dat ik, iemand die volgens mijn body mass index (bmi) obesitas zou hebben, ook een fitgirl ben. Ok√©, die blog is er na enige tijd een beetje bij in geschoten, maar het idee was goed. ūüėČ

Al vrij snel moest ik dit pitchen aan mijn begeleider op school met een professional, in dit geval Rob van Vuure, zeer bekend in de geschreven mediawereld. En ja, wat wilde ik nou eigenlijk? Het was een beetje vaag.

Na enige feedback kwam ik al snel op het idee om het veel specifieker te maken en het verhaal te richten op de vraag in hoeverre lichaamsbouw genetisch bepaald is. Ik moest denken aan vroeger, wanneer mijn vriendinnetjes van school riepen dat ik er niks aan kon doen dat ik dik was, dat het in mijn familie zat, wanneer er iemand dikzak naar me riep. Daarnaast las ik vrij weinig over de rol van genen, ik kon er ook vrij weinig over vinden en al helemaal niet informatie die op een leuke manier geschreven was.

En daar begon het dan: het verhaal waar langzaam maar zeker een einde aan komt, waar ik de afgelopen twee maanden mee bezig ben geweest. Ik heb gesproken met hoogleraren, mediadeskundigen, historica, en veel meer. Van universiteiten in Wageningen, Groningen en Amsterdam tot het station van Utrecht of gewoon ouderwets via de telefoon.

En nu is het de week waarin ik mijn eerste versie moet inleveren en over twee weken mijn definitieve eindproductie. Een productie waar ik nu al trots op ben, ook al weet ik dat er nog veel verbeterpunten zullen zijn. Een eindverhaal, aangevuld met video en audio, die grotendeels zal bepalen of ik straks op 12 juli mijn diploma in ontvangst mag nemen.

Houd dus zeker deze blog, mijn Facebook en mijn Instagramaccount in de gaten, want zodra het af is zal ik dat luidkeels verkondigen ;-).

Advertenties

De imperfecte fitgirl

Instagram is een sociaal medium waar ik op dit moment veel tijd in steek. Op 13 februari zette ik m’n eerste foto op m’n account voor dit afstudeerproject. Sindsdien begeef ik me in de wereld vol met #fitgirls. En heel eerlijk, na zo’n 2 maanden ben ik er al best een beetje klaar mee.

Als ik in mijn fit feed kijk, zoals ik dit account altijd noem (‘feed’ is een hip woord voor alle foto’s van de mensen die je volgt, voor de niet-hippe mensen onder ons ;-)), zie ik het volgende. ’s Ochtends begint het met hippe smoothiebowls (want smoothies in een glas zijn natuurlijk maar saai), een hoop perfecte fruitfoto’s (want bananen zijn nooit bruin) en fitgirls die om 06:00 opstaan om stipt om 07:00 als eerste de plaatselijke sportschool in te lopen.

Later op de dag loopt dit over naar meiden die:
a) in hun insta-stories laten zien hoe geweldig hun #mealprep, #workout of #postworkoutsnack is.
b) in een ellenlange beschrijving onder een foto zetten hoe imperfect ze zijn en dat je je gewoon goed moet voelen en dat je jezelf moet zijn en dat je jezelf moet respecteren zoals je bent (mee eens) maar dan ook even een foto erbij plaatsen in hun halfnakie zodat je precies alle buikspieren of zogenaamde ‘buikvetjes’ kunt tellen (serieus, mijne zijn er niks bij)

Dit klinkt allemaal heel neerbuigend naar ‘fitgirls’. Dat bedoel ik niet zo. Of naja, niet in directe zin. Ik zit nu twee maanden naar dit soort insta-stories en foto’s te kijken en word er gewoon een beetje moe van. Ik kom er nu achter dat een fitgirl zijn of je in deze wereld begeven, niet echt mijn ding is. Ergens is het inspirerend hoor, ik heb ook serieus veel respect voor die meiden die echt een fitgirl zijn. Kan ik niet. Ik probeer zo actief mogelijk te zijn op Instagram, maar ik kan er gewoon niet de hele dag mee bezig zijn. Anderen plaatsen elke dag minimaal 1 foto maar ook minimaal 10 insta-stories. Ik denk er niet eens aan. En guess what, ik heb niet eens zin om de hele dag alles vast te leggen. Ik ben niet echt een perfecte fitgirl, zoals je merkt.

Gelukkig vind ik dat juist prima. Ik ben liever een imperfecte fitgirl.

Waarom cijfers niks zeggen

Ik was 16, volop aan het sporten en viel behoorlijk af. Dat ik afviel, merkte ik aan mijn lichaam. Ineens kreeg ik een soort van taille, werden m’n bolle wangen minder bol en zaten m’n broeken ineens een stukje wijder.

Op de sportschool stond altijd pal naast de kluisjes een weegschaal. Iedere keer als ik m’n spullen in m’n kluis stopte, zat ie me weer te smeken om op hem te komen staan. Ik hoorde ‘m gewoon roepen. Ik had niets met wegen – maar ach, het kon geen kwaad. Dus, op een moment waarop even niemand bij de kluisjes stond – want o wee als iemand het cijfer zag – stapte ik op de weegschaal.

Op de fiets terug naar huis dacht ik alleen maar aan dat cijfer. Ik was er wel blij mee, want ik was zeker 10 kilo kwijt en misschien ook wel meer. Waarschijnlijk dan, want op mijn dikste punt durfde ik er sowieso niet op te staan.

Drie dagen later was ik weer in de sportschool. Er zat weekend tussen, dus ik was vast ietsjepietsje zwaarder. Hmm, maar hoeveel zou dat zijn? Dus daar ging ik weer en zag dat er een kleine 0,3 kilo bij was. Shit! En zo werd mijn maandag een dag waarop ik chagrijnig was en mezelf een olifant voelde.

Inmiddels ben ik 20 – bijna 21, woah – en is dit alles alweer een aantal jaar geleden. Toch heb ik nog steeds niks met de weegschaal. Voordat ik deze blog startte, dacht ik: ok√©, en nu ga ik me weer een keer wegen. 84 kilo zei die, en hier was ik eigenlijk wel blij mee. Ik weet dat ik ook een tijdje 89 kilo was, maar ook wel eens 78. Tja. Ik heb nu het geluk dat dit cijfer, van 84 kilo, van een maand of twee geleden, niet constant door m’n hoofd zweeft. Dit komt omdat ik er geen punt van maak. Zo’n stom getal zegt niks.

20170321_173825

Wow, echt obesitas dit. ūüėČ

Gisteren was ik bezig met school, en toen kwam ik de term BMI weer eens tegen. Je BMI is in principe gewoon een graadmeter die een vergelijking tussen je lengte, gewicht en leeftijd maakt. Ik vulde dus in: 166 cm lang, 84 kilo zwaar, 20 jaar. Ik citeer:

”Je BMI is 30,5. Je bent veel te zwaar voor je lengte.¬†Daardoor heb je een veel grotere kans op bepaalde ziekten, dan mensen van dezelfde leeftijd met een lager, gezond gewicht. Het is dus heel belangrijk voor je gezondheid om af te vallen. Een aantal kilo minder levert al gezondheidswinst op. Neem contact op met je huisarts. Hij of zij weet waar je terecht kan voor hulp hierbij.”

Eh, s√≥rry? Er wordt mij even verteld dat ik ineens onder de doelgroep ‘obesitas’ val? Hoezo? Hoe weten ze mijn lichaamsbouw? Kennen ze mijn genen? Zie ik eruit als een persoon met hangende rollen vet die bijna tot mijn knie√ęn reiken?

Nee. Zo’n stom getal zegt serieus z√≥ weinig. Ik snap dat het voor sommigen een graadmeter kan zijn. Maar ga alsjeblieft niet trippen bij zoiets stoms als je BMI. Iedereen is anders. Ik heb overgewicht, dat weet ik, maar om te zeggen dat ik in de doelgroep val dat ik obesitas heb? Please. Mijn boodschap is dus vooral: trek je niet teveel aan van wat een cijfer op een weegschaal zegt of zoiets als je BMI. Kijk naar je eigen lichaam en bepaal voor jezelf wanneer jij jezelf fit en gezond voelt. Daar kan zo’n getal niet tegen op, geloof me.

20170322_165937

 

 

Of we weer even normaal kunnen doen

De lente is beetje bij beetje de winterkou aan het verdrijven en de regenwolken aan het verslaan. Ik sta klaar om m’n fiets te pakken en richting de sportschool te gaan, als ik me bedenk. Ho! Wacht! Dit is echt het perfecte moment voor Instagram.¬†Kijk hoe leuk ik ben in de zon en hoe goed ik ben omdat ik nu naar de sportschool ga. Zes minuten later stap ik alsnog op m’n fiets, blij met de perfecte foto en de dertig inspirerende hashtags die erachter staan.

Op de fiets denk ik nog: goh, dom eigenlijk. Zoveel gedoe voor een stomme foto.

Ik ruil twintig minuten later de lentezon om voor de binnenkant van de sportschool. Met m’n flesje water en handdoek sta ik klaar om te beginnen aan m’n cardioroutine. Oh, wacht. Zo’n Boomerangfilmpje van hoe m’n benen bewegen op zo’n crosstrainer, da’s nog eens leuk voor Insta. Doet iedereen. Twee minuten later staat ‘ie online. Toch leuk.

45 minuten, een tomatenhoofd en zweterig haar verder ben ik wel klaar met dat ding. Oeps, nog wel even door blijven trappen, anders zie je de calorie√ęn niet meer. En da’s natuurlijk wel even leuk voor Instagram, dan weten m’n handjevol volgers ook weer dat ik heus wel wat verbrand heb. Willen ze vast niet missen.

En ga zo maar door.

Nu ik dit typ, besef ik me dat dit waar is. Ja, jongens en meisjes. Dit nuchtere boerinnetje doet dit echt. Meestal dan. Oké, best vaak. Voor dit hele blog-Instagram-gebeuren deed ik dit dus niet. Moge dat duidelijk zijn.

Waarom doe ik dit? Waarom wil ik zo graag laten zien aan al mijn volgers (alsof ik er duizenden heb, nee, nog niet, maar die komen er HEUS wel) dat ik zo gezond, leuk, sportief, grappig ben? Ben ik dat niet? Wil ik bewijzen dat ik dit wel ben?

Sinds ik dit hele project gestart ben, bevind ik me vele kostbare minuten van mijn tijd op Instagram. Met m’n account¬†(leuk om te volgen trouwens) volg ik tientallen fitgirls. En guess what. Die doen constant hetzelfde. Ben ik dan zo be√Įnvloedbaar dat ik dat dan ook wil doen? Naja, dat blijkt maar weer.

De invloed van Instagram. Ik ga hier binnenkort over praten met een mediapsycholoog. Niet per se over Instagram, maar wel over de invloed van (sociale) media. Waarom laat ik mij be√Įnvloeden en doe ik daardoor hetzelfde als de ‘mainstream’ fitgirls? Stay tuned.

Ik durf rustig te zeggen dat ik het leuk vind. Meestal dan. Om Instagram bij te houden: selfies, food, hoe goed ik wel niet bezig ben in de sportschool. Het oog wil ook wat, dus de ogen van m’n volgers ook.

Maar soms erger ik me aan mezelf. Hou eens op met selfies maken in de zon, het aantal verbrande calorie√ęn te laten zien of hoe leuk m’n zoveelste sportoutfit wel niet is. Doe normaal.

Ik zit geen uren per dag op Instagram, maar als ik er iets op wil zetten, kan ik er best lang mee bezig zijn. Verontrustend. Wees gewoon de nuchtere boerin die je altijd bent geweest, denk ik dan.

Voordat jullie je zorgen gaan maken. Dat ben ik nog wel hoor. Een nuchtere boerin. Maar dan wel met Instagram. En daar horen selfies bij.

PS.
Of we weer even normaal kunnen doen is de titel. Maar eigenlijk slaat dit natuurlijk op mezelf. Alleen ik weet zeker dat er meer lezers zijn zoals ik. Jij ja. Jij doet toch ook heel lang over een selfie voordat je ‘m op Instagram zet? Geef maar toe. Dat bedoel ik.